Zeevisserijbedrijf Jan van den Berg en Zonen B.V
Home arrow Nieuws arrow Outrig arrow Resultaten experiment outrig in the picture
dinsdag 07 september 2010
Main Menu
HomeNieuwsLinksZoeken
Het Bedrijf
ContactGeschiedenisSchepen
Visserijmenu
Methoden
Vissoorten
Nieuws
Extra
Weerberichten
Gastenboek
Fotoalbum
Web Links
Media
Administrator
Resultaten experiment outrig in the picture Afdrukken E-mail
woensdag 02 mei 2007
Marco Ellen Tx5AKERSLOOT – De experimenten met het outriggen zijn hoopvol. Er worden grote brandstofbesparingen gerealiseerd. Er zijn nog wel de nodige ‘bedenkingen’, die nader onderzoek vergen. Een groot deel van de Jaarvergadering van de Nederlandse Vissersbond van afgelopen zaterdag in Akersloot stond in het teken van het outriggen. Na de jaarrede van voorzitter Johan Nooitgedagt (‘Ondernemen is een vorm van oorlog voeren’) konden Belgische onderzoekers van het ILVO de eerste resultaten van hun experimenten met deze visserijtechniek bekend maken. Floris Groenendijk van Stichting De Noordzee sprak over de ‘voorbeeldvisser’, die geen grote impact heeft op het ecosysteem en kansen ziet in beschermde zeegebieden. Na afloop was er een uitgebreide lunch met producten van de Wieringer vloot, verzorgd door Wieringer vissers.

Nooitgedagt benadrukte in zijn jaarrede het belang van strategische allianties met de ngo’s (milieubeweging), maar het zal niet makkelijk zijn om een ‘groene’ visser te worden. Concreet moeten de brandstofkosten omlaag en de visserijen moeten gecertificeerd. Innovatie is daarbij broodnodig. Het is volgens Nooitgedagt misschien wel goed voor de innovatie dat de milieubeweging druk op  de ketel zet. Het energiezuinige outriggen is voor Nooitgedagt in ieder geval een optie.

Het was stil in de zaal tijdens de rede van Nooitgedagt. Toen onderzoekster Els Vanderperren van het Belgische onderzoeksinstituut ILVO haar presentatie hield kwam het publiek in beweging. Dat wil zeggen; reikhalzend nam men kennis van de resultaten op het scherm van het project ‘Outrigger II – Introductie van bordenvisserij in de boomkorvloot met het oog op brandstofbesparing’.

Outriggen komt er op neer dat met een bestaande bokker wordt gevist met planken/borden vanuit de gieken. Coördinator Hans Polet stelt dat België en Nederland heel veel gemeen hebben voor wat betreft de boomkorvisserij en de problemen daarbij. Van elkaar leren danwel samen opgaan lijkt Polet dan ook logisch en nuttig.

Outrigger II werd opgestart om de Belgische boomkorvloot te informeren over het systeem en de mogelijkheden daarvan. Het project loopt van april 2006 tot eind 2007 en er deden in de eerste fase vier praktijkschepen aan mee, die materiaal kregen uitgeleend van het instituut. Voorafgaand aan de praktijkproeven werden onder meer experimenten in de flume tank gedaan met verschillende types en fabrikaten borden. Vanderperren presenteerde de eerste resultaten. De brandstofbesparingen zijn evident en er wordt ook bespaard op materiaalkosten. Er zijn echter nog de nodige ‘bedenkingen’, waaraan tijdens het verdere onderzoek veel aandacht zal worden besteed. Vanderperren noemde veiligheid (uitzetten bij slecht weer), meer vervuiling van de motor (door lager toerental), de mindere tongvangsten en de bereidheid van de bemanningen. Verder onderzoek zal gedaan worden naar de borden, eventueel gebruik van sensors en de mogelijkheden de tuigen geschikt te maken voor tongvisserij en visserij op ruwere gronden.

Floris Groenendijk gaf een onderhoudende presentatie. Wat is nu een voorbeeldvisser? De visser beweegt zich in een maatschappij die steeds meer aandacht heeft voor de zee en luider roept om bescherming daarvan. Tevens komen er meer andere gebruikers op die zelfde zee. De visser moet investeren in ‘schaarste’, investeren in visbestanden. Gesloten gebieden op zee (bijvoorbeeld bij boortorens) is wat anders dan beschermde zeegebieden, waar bepaalde beperkingen gelden. De Task Force Duurzame Noordzeevisserij stelde dat 30 procent van de vloot zal verdwijnen. Dat komt volgens Groenendijk mooi overeen met de wens om 30 procent van de zee beschermd gebied te maken. De voorbeeldvisser ziet de kansen van deze beschermde gebieden. Omdat Groenendijk naar eigen zeggen zo slim is bij het vergaren van subsidies zou hij volgens Huib Tanis van de GO 5 een goeie zijn voor de visserij.

Ideeën aangescherpt
Dat het krijgen van subsidie voor innovatie niet zo Volle zaal tijdens de jaarvergaderingmakkelijk is, kon Marco Ellen van de TX 5 wel vertellen. Hij staat te trappelen om te innoveren en was de eerste die zich aanmeldde bij het VIP voor een bijdrage. Maar tot nu toe heeft hij niets gekregen en betaalt hij alles wat voor z’n outrigproeven nodig is uit eigen zak. Applaus van de zaal was z’n deel na zijn uitvoerige, praktische en droogkomische uiteenzetting. ,,Ik was de eerste en nu lig ik dus onderop in de la.’’ VIP-lid Martin Scholten van IMARES protesteerde tegen die verkeerde beeldvorming en mogelijk cynisme over het Visserij Innovatie Platfom : ,,Ideeën verdwijnen niet in de la. Individuele ideeën kunnen later nog ingepast en aangescherpt worden, zodat één plus één drie kan worden. Als het Europese visserijfonds opengesteld wordt zal het losbarsten. We hebben zeker al 20 goede ideeën.’’ Directeur Visserij Albert Vermuë benadrukte nogmaals dat het vooral moet gaan om groepen vissers, die met beperkte middelen tot goede resultaten kunnen komen en daarmee een goed voorbeeld geven.

Ellen was aangeschoven in een forum met Groenendijk, Vermuë, voorzitter Guus Pastoor van de vishandel, en Cees van den Berg (de financiële man van Rederij J. van den Berg) en Hein Nentjes (UK 47) van Urker schepen die ook met outriggen bezig zijn (geweest). Rederij Van den Berg gelooft in outriggen en gaat er met de NG 1 mee door. De UK 47 is net als de andere outriggers op Urk momenteel terug naar de boomkor, maar zal weer omschakelen naar outriggen in de zuinige periode in de voorzomer (beter weer, mindere vangsten, brandstofbesparing telt zwaarder mee).

Bob van Marlen van IMARES wees op samenwerkingsverbanden in de Verenigde Staten tussen vissers en wetenschappers, die veel resultaat boeken. Hoewel onderzoek op zee niet makkelijk is, pleitte Van Marlen voor effectiever gebruik van wetenschappers en vissers samen om bijvoorbeeld belangrijke vraagstukkenproblemen over de tongvisserij en pulstuig bij de horens te vatten.

Voorzitter Cees Sinke van ZW-Nederland sprak namens zijn zuidelijke tongvissers en wil wel graag dat de zuidelijke Noordzee voor die tongvisserij moet blijven. Pastoor wees op de huidige verkoopstructuur, die een goeie prijsvorming in de weg staat. ,,Het is een kwestie van informatiegebrek. Wanneer er structureel onderscheid aangebracht wordt in kwaliteit dan komt prijsverschil vanzelf.’’ Lenie ‘t Hart tenslotte getuigde van haar goede ervaringen met vissers en stak de aanwezigen een hart onder de riem ,,Vissen houden ook van de natuur en van de vissen. Problemen lossen we samen op.’’

De zonen Kees en Arie van de wegens ziekte afwezige Vissersbondveteraan Arie de Visser hadden zich samen met politieman te water (ex-visser) Piet Beer ingespannen om de lunch na afloop van de bijeenkomst te verrijken met typische producten van de Nederlandse en meer specifiek de Wieringer visserij. Dat betekende onder andere een rijkelijk met Hollandse garnalen gevulde soep, garnalenbitterballen van Ans van der Burg, gegrilde Noorse kreeftjes en visgehaktballetjes van kabeljauw naar eigen recept. Het zijn dit soort producten die volgens de broers promotie verdienen. ,,Want je denkt toch niet dat wij op de Verse Vismarkt op Wieringen promotie gaan maken voor buitenlandse kweekvis als tilapia en pangasius.’’

 
< Vorige
 
Website designed by Jacob van Veen